Tijdens een laatste rit van mijn dienst op lijn 34 naar Capelle a/d IJssel, was er op de hoek van de Slotlaan/Rembrandtsingel een waterleiding gesprongen. In de voortuin van de huisarts aldaar en op de weg, ontstond een enorme waterpartij. Dit nodigde mij uit om er met een rotgang doorheen te rijden. De autobus was even voor een paar meter net een duikboot. Het water spoot meters hoog naar beide kanten. Wat ik echter over het hoofd gezien had, was dat daar achter de heg een man aan het werk was van de DWL. Door de ontstane vloedgolf werd deze ijverige arbeider bijna verzopen.
Aan het eindpunt werd ik afgelost door een collega, die drie huizen verder woonde dan ik, en aangezien wij alle twee bijna aan het eindpunt woonden, wisselden wij daar alvast van plek in plaats van aan Dijkzigt zoals het eigenlijk hoorde. Wij vonden namelijk beiden dat twee “kapiteins op een schip” niet echt nodig waren.
Mijn aflosser rijdt dus weg en wist van dat hele waterballet niets af.
Even later werd hij aangehouden door de man die er wel degelijk van af wist. Hij stond met een emmer water klaar en na een flinke scheldpartij over en weer kieperde hij zijn emmer water door het raam naar binnen. Bijna in het gezicht van die onschuldige chauffeur.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten