donderdag 1 september 2011

Verkeerde beroepskeuze (RET)

Ik had nogal last van mijn rug. De reservedagen die in het rooster zaten werden opgeslokt door conducteursdiensten. Toen ik vroeg om mij een beetje te ontlasten, werd ik totaal niet gehoord. Ik zei tegen de bedrijfsarts dat ik hem een eigenwijze vent vond. En dat hij zijn beroep mis gelopen was. Er was aan hem namelijk een goede fietsenmaker verloren gegaan. Ik meldde me na de eerste reservedienst in de remise. Na het uitrukken met die tram, meldde ik me vanaf de Honingerdijk ziek. Toen moest ik naar de bedrijfsarts toe. Die begon te hakkelen, nadat ik hem een ander beroep had aangeraden. Hij voelde zich ongemakkelijk en stuurde me naar meneer Dinges. Meneer Dinges zei dat ik mijn excuus moest maken bij de bedrijfsarts. Hij zei tegen mij dat ik verder moest nadenken.

En dat deed ik, wel 3 keer, te weten:

1.) Nou niet!        2.) Dan niet!    en    3.) Nooit niet!

Later reed een man van de dienstindeling met mij mee. Toen bleek al gauw dat hij mijn mening over die bedrijfsarts deelde.

Hij zei tegen mij dat ik de enige was die wat ik vond durfde te zeggen tegen die bedrijfsarts. Kort daarna is die bedrijfsarts naar Australiƫ geƫmigreerd.

Vier zwanen (RET)

Tijdens een dienst op lijn 45 lagen er vier zwanen achter een boom op de Bergsingel. Ik heb er even naar gekeken, maar ik zag er geen leven meer in.

Op dat moment hoorde ik een bericht over de mobilofoon van een bestuurder die een melding maakte, dat er een hondje was aangereden en dat het beestje er ernstig aan toe was. Of er een dierenambulance naar toegestuurd kon worden.

Toen reageerde ik: “CP, als die dierenambulance dan toch rijdt, stuur hem dan gelijk even door naar de Bergsingel.”

“Wat is daar aan de hand?” vroeg de CP. Ik antwoordde: “Er liggen daar vier zwanen die heel ernstig gewond zijn.”

“Heeft dat nog zin dan?” was de vraag. Ik zei: “Ik ben niet deskundig, maar alleen hun nekken zijn eraf.”

De volgende dag kwam ik de chef tegen die de vorige avond dienst had op de CP. Hij zei: “Cor, houd jij voortaan je geintjes alsjeblieft voor je, want ik krijg daarvoor op mijn donder.”

Mijn weerwoord was: “Dan straffen ze eindelijk de goeie.”